|
Het is warm weer en de meeste restaurants hebben de deuren open staan. Lekkere geuren drijven de straten door. Door de Kerkstraat bijvoorbeeld uit de deuropening van nummer 54, waar we vandaag een kijkje achter de voorgevel nemen. Het is haast niet meer voor te stellen, maar in dit pand werd één van de twee Bossche kranten vervaardigd. Op de bovenverdieping woonde de eigenaar en beganegronds waren de kantoren. Achter deze kantoren bevonden zich grote ruimten waar de zetterij gevestigd was en de grote rotatiepersen de grote rollen papier met nieuws bedrukten. De krant was de Provinciale Noordbrabantse en 's-Hertogenbossche Courant, kortweg 'de Provinciale' genoemd. J.J. Arkesteyn en Zoon was sinds 1853 eigenaar en uitgever van deze oudste Bossche krant, daterend uit 1771. Later werd de familie Teulings en daarna Van Roosmalen eigenaar en hoofdredacteur. De krant had een iets kleiner formaat dan de andere nieuwsbladen, en het verhaal gaat dat de oorzaak daarvan was dat de grote rollen papier door het kleine steegje Achter de Engelschen Pispot moesten en deze daardoor niet breder konden zijn. In 1941 moesten de twee Bossche kranten, de andere was Het Noordbrabantsch Dagblad Het Huisgezin, in opdracht van de bezetter fuseren. De nieuwe naam was Noordbrabantsche Courant en deze werd gedrukt aan het Emmaplein; de ruimten in de Kerkstraat kwamen leeg te staan... En dat terwijl het eigenlijk de bedoeling was dat de fusie omgekeerd zou zijn: het bedrijf aan het Emmaplein zou moeten sluiten en de persen in de Kerkstraat zouden door kunnen draaien... Gelobby op de achtergrond heeft deze 'omwenteling' mogelijk gemaakt. De familie Van Roosmalen woonde op de bovenverdieping van het pand (nr. 52), op de benedenverdieping (nr. 54) was het kantoor van de krant gevestigd geweest. Na de sluiting werd hier gedurende tien jaar ook gewoond. Daarna kreeg het weer een bedrijfsfunctie: de firma Speijer & Co., een groothandel in tabaksfabrikaten werd er gevestigd. In 1971 kwam er horeca in het pand. In dat jaar vestigde Peter Hootsen er zijn 'Le Bistro', waarachter later (door de toenmalige eigenaar Martin Tulen) de toevoeging 'Bois Le Duc' kwam. Op de vraag 'Wat is een bistro' antwoordde de eigenaar in 1971: 'Een soort veredeld café met een typische Franse inslag, waar men 'een hapje neemt' bestaande uit vlees met een sausje plus stokbrood en desnoods wat sla'. De bistro is er niet meer. In Stefano's Cantina kan de hongerige Bosschenaar of toerist echter wel eten; niet meer in een Franse sfeer, maar uit de Mexicaanse keuken. |
Brabants Dagblad donderdag 6 juli 1995
| 1995 |
Henny MolhuysenAchter de voorgevel : De 'Provinciale' lezen en Mexicaans etenBrabants Dagblad donderdag 6 juli 1995 (foto) |