|
Als „rugdekking” kreeg Godevaart I op de Sint Jan van Jan Mosmans Graag Walram toebedeeld. In de aantekeningen van Mosmans uit 1939 vinden we over dit beeld het volgende:
'Omdat Godevaart met den baard eenige jaren in onmin leefde met keizer Lotharius, beleende deze Walram van Limburg met Brabant. Walram kon er echter geen bezit van nemen want Godevaart hield het land stevig in zijn bezit. Na zijn verzoening werd Godevaart met den baard door den keizer in zijn Brabantsche rechten hersteld en opnieuw bevestigd. Dit, slechts op papier bestaande 'interregnum' van Walram wordt hier voorgesteld. Het onaangename van het voorval was er, vooral ten tijde van de kerkbouw, veel af, want in die jaren werd het wapen der stad zelfs met den leeuw van Limburg vermeerderd en verrijkt (1355)'.
Het beeld werd zonder middeleeuwse restanten als aanwijzing gehakt door Jos Goossens en geplaatst in mei 1941. De graaf werd uitgebeeld met kogelhelm en baard. Links houdt hij een kort zwaard vast dat in zijn gordel hangt en rechts houdt hij de rol papier met het genoemde „interregnum” vast. | 81 |
Ronald Glaudemans, Sint-Janskathedraal : Bouwhistorisch onderzoek 1999-2008 (2010) 81
|
e'. Graaf Walram van Limburg. 28 mei 1941. | 252 |
C. Peeters, De Sint Janskathedraal te 's-Hertogenbosch (1985) 252
Ronald Glaudemans, Sint-Janskathedraal : Bouwhistorisch onderzoek 1999-2008 (2010) 42, 66, 81
C. Peeters, De Sint Janskathedraal te 's-Hertogenbosch (1985) 252