|
Ten zuiden van deze kapel bleef de westmuur van de volgende | 57 |
|
kapel behouden toen in 1505-1506 de rest van de oude zuidbeuken werd gesloopt om plaats te maken voor de huidige. Hierdoor bleven ook twee kraagstenen gespaard. De noordelijke ervan stelt een vrouw voor die een vedel bespeelt (k131). De vrouw is blootsvoets en draagt een overmantel die bijeen wordt gehouden door een opvallende, met een bloemmotief versierde mantelspeld. Ze heeft een wat plat gezicht en lang krullend haar. Met haar linker hand houdt ze een versierde vedel tegen de schouder, die ze met een strijkstok in de andere hand bespeelt. De kraagsteen heeft onmiskenbaar stilistische overeenkomsten met vedelspelende engelen die voorkomen op de sluitstenen van de koorzijbeuken en kooromgang. | 58 |
Ronald Glaudemans, De Sint-Jan te 's-Hertogenbosch : Bouwgeschiedenis en bouwsculptuur 1250-1550 (2017) 57-58
Martien Coppens, 's-Hertogenbosch : Onder de ogen en bogen van de Sint-Jan (1984) 38
Ronald Glaudemans, De Sint-Jan te 's-Hertogenbosch : Bouwgeschiedenis en bouwsculptuur 1250-1550 (2017) 57
C. Peeters, De Sint Janskathedraal te 's-Hertogenbosch (1985) 287