|
Verscholen in het koorgestoelte tegen de binnenzijde van de bankwangen zitten op de stukken kwartronde profiellijst die de kanunnikenzetels markeren, nog zestien in reliëf gestoken groteske figuurtjes. In de meeste boeken die over de koorbanken spreken, wordt aan deze nauwelijks of geen aandacht besteed. Het fotoboek van Martien Coppens met de inleiding van Concordius van Goirle is daar een uitzondering op. Zowel in de tekst als in het platendeel - en daar vooral vanwege hun artistieke zeggingskracht - wordt aan deze groep figuurtjes expleciet aandacht gegeven.37 Deze monsters, gedrochten, satyrische en andere figuren zijn door de restaurateurs uit het atelier van Hendrik van der Geld ternauwernood aangeroerd en dateren dus uit de onstaanstijd van de koorbanken, de jaren '30 tot '50 van de vijftiende eeuw. De bij de hier volgende foto's aangehouden volgorde is: de noordzijde boven, de noordzijde beneden, de zijdzijde beneden, de zijdzijde boven, telkens van west naar oost. Voor de onderschriften bij de foto's is de beschrijving van pater Concordius van Goirle en Martien Coppens aangehouden. | 90 |
| Noten | |
| 37. | Coppens & Van Goirle 1946, p. 77-80, pl. 9-13, stofomslag. |
A.M. Koldeweij e.a., De koorbanken in de St.-Janskathedraal te 's-Hertogenbosch (1991) 90
A.M. Koldeweij e.a., De koorbanken in de St.-Janskathedraal te 's-Hertogenbosch (1991) 90-99