|
In de opengewerkte bovenhelft van het noordwestelijke wangstuk is het Laatste Oordeel uitgebeeld. Onder de overhuiving zit de oordelende Christus, geflankeerd door de neergeknielde Maria en Johannes de Doper als voorsprekers. De Christusfiguur is sterk gerestaureerd door Hendrik van der Geld, het hele hoofd dateert uit de jaren 1877-1881. Oorspronkelijk hield Christus hier als Oordeler ongetwijfeld zwaard en lelietak aan de mond, als symbolen van zijn rechtvaardigheid en barmhartigheid, of zoals bij de sluitstenen in de Sint-Jan een dubbel zwaard.1 De linkervoet van Christus rust op de wereldbol. In de dubbele bandspiraal zien we van boven naar beneden - de gebeurtenissen van het Einde der Tijden: de graven openen zich en de doden staan op om geoordeeld te worden; de uitverkorenen worden door Petrus door de hemelpoort gevoerd naar de eeuwige vreugde, de verdoemden worden door duivels de hellemond ingesleurd. De toegang tot de hel is dubbel uitgebeeld: een wijd opengesperde vuurspuwende muil omvat een ketel waar de verdoemde zielen in worden geworpen. De dubbele spiraal is aan de bankzijde van het wangstuk uitgewerkt tot een wijnrank vol blad en druiventrossen. Tegen de kopse kant van de bandspiraal zijn twee vrijstaande beeldjes geplaatst. Opgenomen in het eigenlijke wangstuk staat de apostel Paulus met zijn rug direct tegen de door Petrus bewaakte hemelpoort. Deze apostel is, op enkele details na, origineel en dateert dus uit de periode 1430-1460. Zijn rechterhand met het zwaard was werk van Hendrik van der Geld en is inmiddels weer verdwenen.2 Op zijn linkerhand draagt Paulus een opengeslagen buidelboek. De apostel heeft een lange baard en zijn hoofd is bijna kaal. Hij staat onder een nagenoeg vierkant baldakijn en op een zeskantige pijler met basement, knoop en wingerdbladkapiteel. Voor deze pijler bevindt zich de evangelist Johannes. Deze is evenals de pijler met basement waarop hij staat, geheel van de hand van de negentiende-eeuwse restaurateurs. Onder de Laatste Oordeelsvoorstelling is in het gesloten benedendeel van het wangstuk onder een gotische ezelsrugboog de voorstelling van de heilige Lambertus gesneden. Aan de bovenzijde bevindt zich in de boogzwik die aansluit op de kwartronde huif boven het gestoelte, een bladmasker. Oordelende Christus met Maria en Johannes de Doper De doden herrijzen Petrus ontvangt zielen bij de hemelpoort De verdoemden in de hellemond | 44 |
| Noten | |
| 1. | Zie hiervoor F.J. van der Vaart, Beeldhouwers uit de bouwloods van de Sint-Jan. De sluitstenen. In: A.M. Koldeweij (ed.) In Buscoducis. Kunst uit de Bourgondische tijd te 's-Hertogenbosch, Maarssen/'s-Gravenhage 1990, deel 2: Bijdragen, p. 426-433. |
| 2. | De foto's gepubliceerd door Van Goirle & Coppens 1946, p. 39 en pl. 32 tonen dat toen het zwaard al verdwenen maar de hand nog aanwezig was. |
A.M. Koldeweij e.a., De koorbanken in de St.-Janskathedraal te 's-Hertogenbosch (1991) 44
|
Ten zetel gestegen op den regenboog, zit daar boven de Rechter tusschen Maria en Sint-Jan den Dooper. Daaronder verrijzen de dooden, die deels door Sint-Pieter in den hemel worden toe gelaten, deels veroordeeld, in een brandenden Léviathan worden gesleurd (5). Beneden op de plint verschijnt Sint Willebrord met eene afbeelding van den Dom te Utrecht in de hand (B). | 209 |
| Noten | |
| 5. | F.-X. Kraus, Geschichte der Christliche Kunst, 11e deel, bl. 376-84. |
C.F.Xav. Smits, De Kathedraal van 's-Hertogenbosch (1907) 209
Vincent Cleerdin, De kathedrale basiliek van Sint Jan (1938) plaat
Concordius van Goirle & Martien Coppens, De koorbanken van St. Jan (1946) 39-44, 77, 144-149, 160-177
A.M. Koldeweij, In Buscoducis : Bijdragen (1990) 422
A.M. Koldeweij e.a., De koorbanken in de St.-Janskathedraal te 's-Hertogenbosch (1991) 44-47
Jan van Laarhoven, Zingende kathedraal (1974) 1 (afb.)
Jan Mosmans, De St Janskerk te 's-Hertogenbosch (1931) 378 (afb. 231), 377, 379
Jan van Oudheusden, De Sint Jan van 's-Hertogenbosch (1985) 66 (afb.)
C. Peeters, De kathedrale basiliek van St. Jan te 's-Hertogenbosch (1973) 52 (afb.)
C.F.Xav. Smits, De Kathedraal van 's-Hertogenbosch (1907) plaat XVIII
J.J.M. van Susante (voorwoord), Sprekende stilte (1958) 43, 70-73
H.W. Valk, De Cathedrale Basiliek van St. Jan te 's-Hertogenbosch (1941) 48/49 (afb.)
T.H. Ytsma, De St. Janskerk te 's Hertogenbosch (1900) plaat 15