Carolus van Troostenberghe

Leuven ± 1591 - 's-Hertogenbosch 13 januari 1659

Biografie

Columbanus van Leuven O.F.M. Cap.

Bronnen
A.F.O. van Sasse van Ysselt, De voorname Huizen en Gebouwen van ´s-Hertogenbosch, ´s-Hertogenbosch 1910, deel III, p. 167-175
Alphons G.J. Mosmans, De Capucijn-missionaris pater Columbanus te ´s-Hertogenbosch, in ´Taxandria´, 18e jaargang, 1911, p. 229-237
P. Gerlachus van ´s-Hertogenbosch, O.M. Cap. De Minderbroeders-Capucijnen in ´s-Hertogenbosch 1611-1935, ´s-Hertogenbosch 1935
Henny Molhuysen, Verhalen en Legenden, Columbanus, artikel in het Brabants Dagblad, donderdag 27 mei 1993
Ton Vogel, Schuilkerken en hun bedienaren in ´s-Hertogenbosch 1629-1811, p.71-76, Uitgave: Kring Vrienden van ´s-Hertogenbosch, 2010
P. Placidius, O.M. Cap. 'Zorgen van Bisschop Ophovius na den val van Den Bosch in 1629' in: Bossche Bijdragen XIII (1935-1936)
Ton Vogel, juli 2013
Van Reyn & Persoons

Carolus van Troostenberghe

Literatuur
La vie de la vénérable mère fondatrice et première supérieure du monastère nommé le Mont Calvaire, à Maestricht, écrite par elle-même, en flamand et traduite en françois, par un prêtre du diocèse de Liége, Luik, 1720; A. Frenken (ed.), Het dagboek van Michaël Ophovius, 4 augustus 1629 - einde 1631, in Bossche bijdragen, 15 (1937-1938), blz. 39, 63, 83, 85, 86, 226, 247, 274, 290, 295, 299, 307; A. Van de Kerckhove, Geschiedenis van het koninglyke broederschap der zeven weedommen van Maria, door Philippus I, koning van Spanjen en 31en graef van Vlaenderen, in St. Salvator's kerk te Brugge ingesteld ten jare 1492, Roeselare, 1860, blz. 161; Alph. G.J. Mosmans, De Capucijn-missionaris pater Columbanus te 's-Hertogenbosch, in Taxandria, 18 (1911), blz. 229-301; Frédégand d'Anvers, La vie religieuse et familiale en Belgique au XVIIe siècle: étude sur le père Charles d'Arenberg, frère-mineur capucin 1593-1669, Paris, 1919, blz. 294 en 297-302; Hildebrand, De kapucijnen, 5 (1950), blz. 90, 97, 98, 212, 225, 245, 326, 381; 6 (1951), blz. 85-91, 93-94, 96, 97 n. 2, 98, 99, 102-105, 108, 111, 115, 131, 145, 151-153 n. 1, 178-194, 196, 198, 214 n. 2, 215, 229, 237, 240, 245, 328, 347; 7 (1952), blz. 190 (nr. 1250); 8 (1954), 454, 504, 533, 722, 724, 743, 754; 9 (1955), blz. 80, 116, 158-159, 443, 529, 694; 10 (1956), blz. 481; Hildebrand, Uitgaven betreffende Nederlandsche kapucijnen, in Ons Geestelijk Erf, 7 (1933), blz. 443-445 (ev. contacten met Zachmoorter). [Antwoord op Gerlach, Wie is de auteur van de "Geestelycke oeffeninge voor de novitien"?, in Franciscaansch leven, 15(1932), blz. 299-301].
G. Van Reyn en E. Persoons
Literatuur en bronnenpublicaties

P. Hildebrand, De Kapucijnen in de Nederlanden en het Prinsbisdom Luik V (1950) 90, 97, 98, 212, 225, 245, 326, 381; VI (1951) 85-91, 93-94, 96, 97n 98, 99, 102-105, 108, 111, 115, 131, 145, 151-153, 153n, 178-194, 196, 198, 214n, 215, 229, 237, 240, 245, 328, 347; VII (1952) 190; 8 (1954) 454, 504, 533, 722, 724, 743, 754; IX (1955) 80, 116, 158-159, 443, 529, 694; X (1956) 481

n: vermelding in een voetnoot