Arnoldus Verhel

29 augustus 1583 - 14 februari 1664

Kloosternaam : Angelus van Amersfoort (eerst : Gislenus). (Uitgetreden) kapucijn van de Belgische provincie. Zoon van Henricus en Anna van Grootvelt; oudere broer van Paulus Verhel (Archangelus van Amersfoort). Geboren op 29 augustus 1583. Bezocht de "Grote Schole" te Amersfoort, was reeds op 16-jarige leeftijd magister artium. Inkleding op 4 juni 1600; geprofest te Brussel, op 4 juni 1601 (onder de naam Gislenus). Sedert eind 1609 woont hij te Brussel, waar hij als socius de novicemeester bijstaat (1609-1610); gardiaan te Gent (1610-1613). Vlucht uit klooster op 15 april 1613 (wordt gevangen en vanuit Kleef naar Brussel gebracht), ontsnapt op 25 november 1615 (terug gevangengenomen); ontsnapt opnieuw op 2 september 1616. Laat zich inschrijven als student in de rechten aan de universiteit te Franeker (12 oktober 1616). Promotie op 2 september 1617; wordt in 1618 en in 1620 benoemd tot buitengewoon hoogleraar in de filosofie; in 1623, 1635, 1647 en 1664 tot gewoon hoogleraar rechten. Is ondertussen protestant geworden, huwt en in 1664 is hij rector van de universiteit. Hij overlijdt op 14 februari 1664.
Voor zijn publicaties als professor te Franeker (1618-1664) en de theses die hij geleid heeft, zie F. Postma en J. van Sluis, Auditorium academiae Franekerensis: Bibliographie der Reden, Disputationen und Gelegenheitsdruckwerke der Universität und des Athenäums in Franeker, 1585-1843, (Leeuwarden, 1995), nr. 34, blz. 81-85 en S. Galama, Het wijsgerig onderwijs aan de Hogeschool te Franeker : 1585-1811 (Franeker, 1954), blz. 317-318.
R. Feenstra, Bibliografie van hoogleraren in de rechten aan de Franeker Universiteit tot 1811, (geschiedenis der Nederlandsche Rechtswetenschap, 7: Bibliotheek de Nederlandsche Rechtswetenschap tot 1811, 3), Amsterdam, 2003, blz. 14, nr. 35. (met aanduiding van bewaarplaatsen).

Iconografie:
R.E.O. Ekkart, Franeker professorenportretten. Iconographie van de professoren van de Academie en het Rijksathenaeum te Franeker, 1585-1843, Franeker, 1977, nr. 57-58, blz. 94-95: 57a. Kopergravure door Jan de Visscher naar tekening door Pieter Schick (J. Wessely, Jan de Visscher und Lambert Visscher, Leipzig, 1866, nr. 19); 57b. Met vierregelig Latijns onderschrift door G. Koldenbach, 1662 (afb. Ekkart, blz. 95); 58. Schilderij, toegeschreven aan P. Schick (Franeker, Stedelijk museum 't Dr. Coopmanshûs), (afb. Ekkart, blz. 96).
Literatuur
Hildebrand, De kapucijnen, 1 (1945), blz. 247, 335; 5 (1950), blz. 210; 7 (1952), blz. 65 (nr. 343); 8 (1954), blz. 471, 529, 843, 846-847; Hildebrand, Polen en de Amsterdamsche Kapucijnen uit de XVIIde eeuw, in Franciscaansch leven, 15 (1932), blz. 210-214 en 16(1933), blz. 282-287; J.F. Foppens, Bibliotheca Belgica, sive Virorum in Belgio vita, Brussel, 1739, blz. 104-105. (gedeeltelijk overgenomen uit V. Andreas, Bibliotheca Belgica, 2de uitg., Leuven, 1643, blz. 87); P.A.G. Dibon, La philosophie neérlandaise au siècle d'or, 1. L'enseignement philosophique dans les universités à l'époque pré-cartesienne (1575-1650), Parijs, 1954; S. Galama, Het wijsgerig onderwijs aan de Hogeschool te Franeker, 1585-1611, Franeker, 1954, blz. 34-38, 56-61, 317-318; S. Galama, Arnoldus Verhel, hoogleraar in de wijsbegeerte te Franeker, 1618-1664, in Studia catholica, 27 (1952), blz. 155-166; W.B.S. Boeles, Frieslands hoogeschool en het Rijks Athenaeum te Franeker, 2, Leeuwarden, 1889, blz. 112-114.
G. Van Reyn en E. Persoons
 
Literatuur en bronnenpublicaties

P. Hildebrand, De Kapucijnen in de Nederlanden en het Prinsbisdom Luik I (1945) 247, 335; V (1950) 210; VII (1952) 65; VIII (1954) 471, 529, 843, 846-847

n: vermelding in een voetnoot