|
Hoofdmenu
|
|
afb. Fotopersbureau Het Zuiden (Fa), 18 juni 1937
|
|
|
Sint Janscentrum, 1928 (Papenhulst 4)
|
|
Rechts het nieuwe fraterhuis. Zijstraat links de Choorstraat, in het verlengde de Clarastraat.
Bron: Stadsarchief (0021294)
~~~
Sint Janscentrum. Hier zetelt momenteel de priesteropleiding van het bisdom 's-Hertogenbosch. Het is gebouwd als Fraterhuis (1924) voor de Fraters van Tilburg, met een kapel erachter (1928, architect J. Duijnstee). De statige architectuur is typerend vroeg 20e-eeuws.
Bron: 's-Hertogenbosch binnen de Veste
|
De fraters
Door Henny Molhuysen
Wie door de Papenhulst loopt raakt gemakkelijk geïmponeerd door de gebouwen uit het 'rijke roomse leven': hoge grote kloosters en scholen. Vandaag nemen we een kijkje achter de voorgevel van: Papenhulst 4.
De Fraters van Onze Lieve Vrouw, Moeder van Barmhartigheid ('de fraters van Tilburg') kenden vanaf 1862 een vestiging in 's-Hertogenbosch. Zij zorgden voor een groot aantal leerkrachten, die les gaven op lagere scholen, ulo's, en een kweekschool. Maar ook op de vglo en de blo. Daarnaast waren velen van hen aktief in het verenigingsleven. Op hun scholen en in hun verenigingen zaten echter alleen jongens: de meisjes waren op de zusters aangewezen.
Om het groeiend aantal fraters onderdak te kunnen bieden moesten er regelmatig kloosters gebouwd worden. Zo kochten de fraters in 1919 aan de Papenhulst een terrein voor ƒ 42.000,- om er een klooster te bouwen.
Op het terrein stonden een aantal woningen en erachter lag nog een zoutkeet. Die zouden vanzelfsprekend eerst moeten verdwijnen. Boer Ackermans werd voor vijf mille uitgekocht. Maar omdat er in 1919 woningnood in de stad was, mochten de bestaande huizen slechts gesloopt worden van de gemeente als er vijf middenstandswoningen voor in de plaats gebouwd werden. De heer D.W. Schouten (de burgernaam van frater-overste Balduinus) liet de vijf woningen bouwen in de Moliusstraat. Maar hij maakte er dubbelwoningen van, zodat er tien gezinnen in konden. Maar dàt vond de gemeente niet goed: er mocht slechts één gezin per woning in. Dat vonden de Papenhulst-bewonersop hun beurt te duur worden. Zij zijn toen zelfs bij bisschop Diepen op audiëntie geweest om voor hun zaak te pleiten.
Tenslotte kon er dan toch gebouwd worden door de fraters. Hun klooster, plaats biedend aan zestig mannen, werd in 1927-1928 gebouwd naar een ontwerp van architect Jos Duijnstee. Hij handhaafde de in de tuin gelegen 'zoutkeet' en liet deze als het ware als een soort ruïne tussen het groen figureren. De kapel kreeg fraaie glas-in-lood ramen met als onderwerp de H. Vincentius en diens liefdadige werken en ontworpen door de Bosschenaar Peter van Bergen.
De gehele oostelijke wand van de Papenhulst werd nu gevormd door kloosters: de Theresiaantjes, de fraters van Tilburg en het ziekenhuis Johannes de Deo. Aan de overzijde waren- bij het klooster van 'de Zusters van de Choorstraat' een lagere school, een ulo en een kweekschool gekomen.
Een kleine halve eeuw hebben de fraters hun klooster bewoond. En later, toen er een terugloop van het aantal fraters kwam, werden tal van katholieken instellingen in het grote gebouw gehuisvest. Ondermeer de Sint Janstichting die tal van scholen in onze stad bestuurde. De fraters zijn thans helemaal uit het gebouw. Het complex heet thans het Sint Janscentrum en ondermeer het diocesaan centrum voor priesters- en diakenopleiding is erin gevestigd. Het is zowel een opleidingsinstituut als een woon- en leefgemeenschap.
Brabants Dagblad vrijdag 27 oktober 1995
|
| |
|
Papenhulst 4
Inleiding
Het klooster met kapel van de Fraters van Tilburg is in 1928 gebouwd naar een ontwerp van de architekt J. Duynstee in Traditionalistische stijl met Amsterdamse Schoolelementen. Het is gelegen binnen de stadsomwalling en grenst met de achterzijde aan de Dieze. Sinds 1987 is het gebouw in gebruik als grootseminarie van het bisdom 's-Hertogenbosch.
Omschrijving
Het klooster met kapel is gebouwd op T-vormige plattegrond met een binnenhof aan de noordzijde. In het voorgebouw, dat evenwijdig aan de straat is gelegen is het eigenlijke klooster gevestigd. In de vleugel die aan de achterzijde dwars daarop is gebouwd, is de kapel ondergebracht. Het onderkelderde voorgebouw van drie bouwlagen onder zadeldak heeft en betonnen casco en een bakstenen gevel. De gevel heeft zijrisalieten onder schilddak en een middenrisaliet onder tentdak. Hij is voorzien van een gemetselde plint, siermetselwerk ter hoogte van de begane grond en een muizentandversiering onder de dakrand. De entree in het middenrisaliet heeft een geprofileerde tufstenen omlijsting en wordt voorafgegaan door een granieten bordes dat via dito trappen wordt bereikt. De dubbel paneeldeur heeft een rondboogvormig bovenlicht met een afbeelding van Onze Lieve Vrouwe in glas-in-lood. De middenrisaliet heeft gemetselde lisenen tussen de vensterpartijen die eindigen in tufstenen ornamenten. Op de verdiepingen van de middenrisaliet zijn lange rechtgesloten vensters aangebracht. De begane grond heeft rondboogvensters met kruiskozijnen en glas-in-lood in de bovenlichten. Op de verdiepingen zijn rechtgesloten vensters aangebracht met kruiskozijnen en tufstenen geboortestenen. De daken zijn belegd met verbeterde Hollandse pannen en voorzien van dakkapellen. Het tentdak van de middenrisaliet heeft een dakruiter op achtkantige, opengewerkte sokkel, belegd met koperplaat.
Het interieur is in hoofdlijnen ongewijzigd gebleven. De centrale hal op de begane grond is aan de achterzijde gelegen en vormt de verbinding tussen het voorgebouw en de kapel. Hij is drie verdiepingen hoog en wordt afgesloten door een tongewelf van glas-in-lood. De centrale, granieten trap leidt naar de kapel en vandaar naar de verdiepingen. Trap en hal hebben een lambrizering van keramische tegels en de vloer is belegd met cementtegels. Dezelfde lambrizering en vloer wordt aangetroffen op de gangen van de kelderverdieping en de begane grond. De gang op de begane grond heeft gemetselde kruisgewelven, gedragen door betonnen rondbogen. De gang op de begane grond heeft paneeldeuren met glas-in-lood met rondboogvormige bovenlichten. Aan de achterzijde loopt een galerij met gemetselde kruisgewelven. Op de eerste verdieping bevinden zich aan de achterzijde twee kamers met een hoog tongewelf. In de achtervleugel, die dwars op het voorgebouw is gelegen, bevindt, zich de georiënteerde kapel op de eerste verdieping en de refter met recreatiezaal op de begane grond. Deze vleugel is evenals het voorgebouw opgetrokken uit bakstenen gevels met een betonnen casco. Het samengestelde dak bestaat uit een zadeldak, een dwars gelegen zadeldak boven de viering met een opengewerkte lantaarn voorzien van een spits, en schilden boven het koor. Het schip is drie traveeën lang, met in de achterste travee een gemetselde koortribune. De muren bestaan uit schoon metselwerk. De traveeën worden van elkaar gescheiden door gemetselde rondboogribben, die het gestucte tongewelf dragen. Elke travee is voorzien van gepaarde rondboogramen. De viering heeft een hangkoepelgewelf. Het verhoogde koor is aan drie zijden gesloten. Op de begane grond van deze vleugel is de refter gevestigd, met schuivende, hoge, houten paneeldeuren. De refter wordt van de serre onder het koor gescheiden door schuivende, hoge deuren met ramen met roedenverdeling. De geprofileerde cascoconstructie is in deze ruimten zichtbaar aanwezig. In de noordelijke oksel van beide gebouwdelen bevindt zich de binnenhof, die aan de noord- en oostzijde wordt omsloten door een eenlaags baksteenbouw onder zadeldak.
Waardering
Het klooster met kapel is van algemeen belang. Het heeft cultuurhistorische waarde als uiting van de katholieke geloofsijver in het interbellum en als goed voorbeeld van kloosterbouw in die tijd. Het heeft architectuurhistorische waarde als goed voorbeeld van interbellumbouwkunst vanwege de combinatie van traditionalistische vormentaal met Amsterdamse Schoolelementen. Het heeft bouwhistorische waarde vanwege de toegepaste materialen, met name het glas-in-lood, het glazen tongewelf in de centrale hal, de zichtbaar gehouden betonnen cascoconstructie en de tufsteen in de voorgevel. Het heeft ensemblewaarde vanwege de ligging in het centrum van de stad. Het is gaaf behouden en relatief zeldzaam als klooster in traditionalistische architectuur uit het interbellum.
(adres: Papenhulst 4, 6; datum: 17 mei 2001; kadastraalnr: H 5301; monumentnr: 522514)
Rijksdienst voor de Monumentenzorg 2004
|
| |
|
Voormalig fraterhuis
Papenhulst 4
In 1919 kochten de FRATERS VAN TILBURG een terrein van de Theresiaantjes, dat binnen de stadsomwalling lag en met de achterzijde aan de Dieze grensde. De tuinderij, boerderij en enkele huizen op het terrein werden met schadevergoedingen weggekocht. Wegens geldgebrek moesten de fraters de tuingrond tijdelijk verhuren. Toen de bouwplannen later weer ter sprake kwamen hoopte architect Valk de opdracht te krijgen. Hij begon al met ontwerpen en voorbereidingen voor de bouw. Men besloot echter een prijsvraag te houden. Zo werd het klooster met kapel in 1928 gebouwd naar ontwerp van de Haagse architect J. Duynstee. De communiteit is in 1987 opgeheven, sindsdien is het gebouw in gebruik als seminarie Sint Janscentrum van het bisdom ’s-Hertogenbosch. Vanaf 1987 verzorgden enkele MISSIEZUSTERS VAN HET KOSTBAAR BLOED de huishouding en de kapel. In 2007 verhuisden de zusters naar het klooster in Aarle-Rixtel.
Het huis is gebouwd in traditionalistische stijl met Amsterdamse School elementen. Het bestaat uit het klooster met kapel en heeft een T-vormige plattegrond met een binnenhof aan de noordzijde. Het eigenlijke klooster is gevestigd in het voorgebouw, dat evenwijdig aan de straat is gelegen. In de vleugel die aan de achterzijde dwars daarop is gebouwd, is de kapel ondergebracht.
Deze kapel van drie traveeën heeft een driezijdig gesloten koor, ondiepe transepten en in het schip een gemetselde koortribune. Het onderkelderde voorgebouw van drie bouwlagen onder zadeldak heeft een betonnen skelet en een bakstenen gevel. De gevel heeft zijrisalieten onder schilddak en een middenrisaliet onder tentdak.
Hij is voorzien van een gemetselde plint, siermetselwerk ter hoogte van de begane grond en een muizentandversiering onder de dakrand. De entree in het midden heeft een geprofileerde tufstenen omlijsting en wordt voorafgegaan door een granieten bordes, dat via trappen wordt bereikt. De dubbele paneeldeur heeft een rondboogvormig bovenlicht met een afbeelding van Maria in glas in lood. De middenrisaliet heeft gemetselde lisenen tussen de vensterpartijen, die eindigen in tufstenen ornamenten. Op de verdiepingen van de middenrisaliet zijn rechtgesloten ramen aangebracht. De begane grond heeft rondboogramen met kruiskozijnen en glas in lood in de bovenlichten. Op de verdiepingen ramen met kruiskozijnen en tufstenen geboortestenen. De daken zijn belegd met verbeterde Hollandse pannen en voorzien van dakkapellen. Het tentdak van de middenrisaliet heeft een dakruiter op een achtkantige opengewerkte sokkel, belegd met koperplaat. In het portaal een glazen tongewelf. De achter het huis liggende ruime tuin werd door tuinbouwkundigen onder de fraters in een klein park herschapen.
| 515 |
Jan Smits, Vademecum van religieuzen en hun kloosters in Noord-Brabant (Alphen aan de Maas 2010) 515
|
| |
| 1962 |
M. Novatus
Eeuwfeest fraters 's-Hertogenbosch
s.n. ('s-Hertogenbosch 1962)
|
| 1962 |
Engelbert Verrijt, Victor van Nispen, e.a.
Eeuwfeest fraters 's-Hertogenbosch
Speciaal nummer van: Ontmoetingen 1962
|
| 1992 |
J.A.M. Roelands
De vestiging van de fraters des gemeenen levens. Tegenwoordig Huize Sint Anthonius
Stille omgang journaal 2 (1992) 5-11
|
| 1995 |
Henny Molhuysen
Achter de voorgevel : De fraters
Brabants Dagblad vrijdag 27 oktober 1995 (foto)
|
| 1997 |
Kees van Hasselt
St-Janscentrum opent lustrum met unieke tentoonstelling. In veel kerken van het Bossche bisdom bevindt zich een heel mooi erfgoed dat - vooral door vrijwilligers - met veel liefde en kennis wordt bewaard
Bisdomblad 35 (1997) 4-5
|
| 1997 |
Annette Gaalman, Tim Graas
Sint-Jan. Apostel en evangelist. Vijf eeuwen Sint-Jan, verbeeld in het Bossche bisdom
Sint-Janscentrum ('s-Hertogenbosch 1997)
|
| 1997 |
Kees van Hasselt
Verdieping en communicatie. Nieuwe sleutelwoorden van de Bossche priesteropleiding. Lustrumprogramma Sint-Janscentrum kent nogal wat hoogtepunten
Bisdomblad 36 (1997) 8-9
|
| 1997 |
Hans Bronkhorst
Sint-Jan. De apostel en evangelist gezien door kunstenaars uit vijf eeuwen. Tim Graas en Annette Gaalman verantwoordelijk voor fraaie selectie kunstvoorwerpen uit parochies van het bisdom van 's-Hertogenbosch
Bisdomblad 37 (1997) 8-9
|
| 1997 |
Geertjan van Rossem
Seminaristen bezochten de graven van Petrus en Paulus. Seminaristen vieren 10-jarig jubileum St-Janscentrum met een reis naar Rome met als hoogtepunt eucharistieviering met paus en bisschop in Castel Gandolfo
Bisdomblad 39 (1997) 4-6
|
| 1999 |
Henry van Rooij
St.-Janscentrum moet gastvrij zijn, maar ook geborgenheid bieden
Bisdomblad 26 (1999) 4-5
|
| 1999 |
Redactie
De 'stille kracht' van het Sint-Janscentrum. Gebedskring bidt elke dag voor roepingen
Bisdomblad 33/34 (1999) 10
|
| 2000 |
Henry van Rooij
Een huis waar je dingen leert met je hoofd en ze eigen maakt met je hart. 12 1/2 jaar St. Janscentrum
Bisdomblad 13 (2000) 4-5
|
| 2000 |
Redactie
12 1/2 jaar jubileum Sint-Janscentrum. Speciale uitgave bij gelegenheid van het koperen jubileum van het Sint-Janscentrum 1987-2000
Bisdom 's-Hertogenblosch ('s-Hertogenblosch 2000)
|
| 2002 |
Michiel Savelsbergh
"De priester moet een gids zijn voor mensen van deze tijd". Vernieuwde priesteropleiding start als eerste in Nederland met spiritualiteitsjaar
Bisdomblad 6 (2002) 15
|
| 2004 |
Redactie
Priester worden op het Sint-Janscentrum
Sint-Janscentrum ('s-Hertogenbosch 2004)
|
| 2004 |
Redactie
Open tuinen in de binnenstad van 's-Hertogenbosch
Groei & Bloei 2 (2004) 6-14
|
| 2008 |
Jac.J. Luyckx
Aanzienlijke huizen : Religieus Erfgoed : Sint Janscentrum: een levend huis
Bossche Bladen 2 (2008) 60-62 [pdf]
|
| 2010 |
Jan Smits
Papenhulst 4. Voormalig fraterhuis.
in: Vademecum van religieuzen en hun kloosters in Noord-Brabant (2010) 515
|
| 2012 |
Seminarie in Den Bosch is achterhaald
Vijf jonge priesters in het bisdom Den Bosch traden in zes jaar uit. Vier van hen wilden af van het celibaat. Volgens theoloog Frank Bosman is er meer aan de hand.

Tom Vos | Brabants Dagblad donderdag 2 februari 2012 | 14
|
| |
|
| 27 februari 2008 |
|
|
|
|
|