Hoofdmenu

Achter de voorgevel    
Artikelen    
Bouwhistorie I    
Bouwhistorie II    
Sasse van Ysselt    
Stadsrekeningen    
afb. 1909

Inde Grutmolen (Orthenstraat 36)

Huis van Ysselstein. Westzijde gezien in noordelijke richting, eerste straat links is de Bokhovenstraat.
Bron: Stadsarchief (0000757)
~~~
Thans zijn op de plaats waar deze ruime huizing stond het huis en kantoor der H.H. van Rijckevorsel en eenige andere huizen gevestigd.
Bron: Namen van ruim tweehonderd huizen te 's-Hertogenbosch in de 16e en 17e eeuw

De bewogen historie van het Glashuis
Door Henny Molhuysen

In de Orthenstraat bevond zich eens de Brusselse Poort, één van de drie dertiende eeuwse stadspoorten. De huizen die binnen deze oudste stadspoorten gelegen hebben, moeten dus een oude geschiedenis kennen of illustre voorgangers hebben. Vandaag achter een nieuwbouwvoorgevel de geschiedenis van oude panden aan de Orthenstraat, nr. 36.

De Bossche schout Dirick de Rover verkocht op 9 september 1325, 'Daags na Maria geboorte', het genoemde pand aan Johannes Bodo. Vele transacties later werd op 5 augustus 1492 Frederick van Egmond, heer van Ysselstein, Craendonck en Eindhoven de nieuwe eigenaar. Hij had het groter stenen huis gekocht, dat vlakbij de H.Kruispoort lag. Omdat Frederick 'heer van Ysselstein' was, kreeg het pand als naam: Het Huis van Ysselstein.
Frederick van Egmond was een vechtbaas; hij nam ondermeer deel aan de aanvallen vanuit Den Bosch op Gelderland. De kroniekschrijver meldde over hem: „Hij hielt hier vele oeffeningen van wapenen ende reedt seer veel prachtich met sijn ruyters rontsom de Merckt ende stelde die dan op de Merckt in slach ordre”.
Nadat Frederick in 1500 was overleden werd zijn echtgenote eigenaar van het pand en dertig jaar later zijn zoon Floris van Egmond. Ook deze Floris kon goed met de wapens omgaan: op Sint Annendagh 1534 schoot hij zichzelf bij een van de Bossche schuttersgilden tot koning, door de papegaai van de mast te schieten!

Achterpoort

In 1542 werd Lubbert Torck de nieuwe eigenaar. In dat jaar plaatste hij een gevelsteen in het pand met ondermeer zijn familiewapen. Het was een groot huis dat in 1615 weer eens verkocht werd, voor een bedrag van f 2.708 en toen omschreven werd als: "Eene groote huysinge, voerpoerte, voerhuys aen de strate, stallinghe, galleryen, plaetse, hoff, erffenisen en achterpoerte". Deze achterpoort bood toegang tot 'de Dieskant bij de kraan', dus bij de stadskraan aan de Haven. Het Bossche stadsbestuur kocht het pand, om er het stedelijk depot van zout in te vestigen. Veertig jaar later, in 1657, werd het weer verkocht. De nieuwe koper was de koopman Willem van Bree. Willem van Bree stichtte een glasblazerij in het pand. Hij kreeg de steun van het stadsbestuur om deze plannen te realiseren. Ondermeer hoefde hij geen belasting te betalen op de grond- en brandstoffen. Hij mocht zijn schepen met hout afmeren in de Haven vlak achter zijn glasblazerij en indien er op dat moment een ander schip lag, moest dit versleept worden.
Op 5 juli 1658 nodigde Van Bree het stadsbestuur in de glasblazerij uit: die dag zou er voor het eerst glas geblazen worden.
Na van Bree werd zijn zoon de eigenaar van 'het Glashuis', zoals het pand in de volksmond was gaan heten. Deze Mathias van Bree had uit Engeland een glasslijper aangetrokken „na welken tijd er zulken fraai glaswerk gemaakt werd, dat zulks het Engelsche evenaarde”. Dit in Den Bosch geblazen en versierde glaswerk werd een geliefkoosd relatiegeschenk voor het Bossche stadsbestuur.

Koloniale waren

In de tweede helft van de achttiende eeuw is de glasblazerij verdwenen. Eigenaar van het complex werd de kapitein ter zee Willem Vosch van Avesaet. Het 'huis van Ysselstein' werd afgebroken en in 1789 werd door Willem op dezelfde plek een kapitaal herenhuis gebouwd. Het werd in de negentiende eeuw bewoond door handelaars in koloniale waren (familie Van Ryckevorsel), die zich er later - evenals de familie Van Lanschot - als bankier vestigden.
In de eerste helft van de twintigste eeuw moest het herenhuis plaats maken voor uitbreidingen van de fabriek De Gruyter. Maar twintig jaar geleden sloten de laatste winkels van De Gruyter en sloot ook de fabriek. Het gehele complex werd gesloopt en maakte plaats voor winkels en flats: de Busselse Poort geheten naar de oudste stadspoort hier ter plekke.


Brabants Dagblad donderdag 6 augustus 1992
 

'Inde Grutmolen'
471

Literatuur
 CB 1520 f4; CB 1573 f2; M 84; vSvY I, 129-130; Z 1502/'3.


A. van Drunen, 's-Hertogenbosch van straet tot stroom (Zwolle - Zeist 2006) 471
 

'Huis van Ysselstein' of 'Huis van Hemert'
471
472

Literatuur
 ANH 102 (1425); ANH 18 (1380); ANH 2 (1325); ANH 237 (1489); CB 1520 f 4; CB 1573 f 2; M 84; PG I 476; THG R 393; vSvY I, 120-135; Z 1547.


A. van Drunen, 's-Hertogenbosch van straet tot stroom (Zwolle - Zeist 2006) 471-472
 

Het Huis van Ysselstein (n° 36)
120
121
122
123
124
125
126
127
128
129
130
131
132
133
134
135

Noten
1.  Hiermede is blijkbaar bedoeld de toenmalige tak der Dommel, welke langs den stadsmuur ter hoogte van de Orthenbinnenpoort liep.
2. Zij was eene van Erp van Middegael en dochter van Philips en Coletta van der Meer.
3. Zoon van Philips en Gatharina Dielbeeck.
4. Hij was laagschout van 's Hertogenbosch en gehuwd met Adriana van Balveren.
5. Zij hadden behalve hem o.a. nog deze kinderen:
a. Johan van Egmond, eerste graaf van Egmond, overleden op het kasteel van Egmond;
b. Willem van Egmond, heer van Haps, huwde Margriet van Meer, erfdochter van Boxmeer en weduwe van Pieter van Vertaing, heer van Heeswijk, Dinther, Asten en Moergestel (Taxandria VI blz. 52).
c. Anna van Egmond, huwde Bernard graaf van Bentheim.
d. Elisabeth van Egmond, huwde 1°. Gijsbrecht van Bronckhorst van Batenburg; 2° Jan van der Aa, ridder, heer van Bokhoven, die 23 Maart 1540 kinderloos overleed. (Taxandria III blz. 112).
e. Margriet van Egmond, huwde 1°. Johan van Merode; 2°. beneden haren stand, doch- uit liefde, den stal meester haars vaders Godert Torck, kastelein van Buren, gesneuveld in den slag bij Middelaar 7 Juni 1507 en begraven in de kloosterkerk van St. Agatha, waarin zij reeds in 1496 ter aarde besteld was. Zij schonk haren tweeden man o. a. een zoon Lubbert Torck, overste in dienst van keizer Karel V, die huwde met lladewig van Hemert, erfdochter van Nederhemert, bij wie hij verwekte: Godfried Torck, heer van Nederhemert, (wiens vrouw was Gornelia van Harff, erfdochter van Bokhoven, welke hem geene kinderen schonk) en Frederik Torck ook heer van Nederhemert, wiens vrouw was Maria van Wittenhorst.
6. Zij werden na hun huwelijk feestelijk te den Bosch ingehaald, zooals blijkt uit R. A. van Zuylen Stadsrekeningen I blz. 484.
7. Taxandria VI blz. 53.
8. Zijn broeder was Willem van Berchem.
9. Al de sub 1° en 2° vermelde secretariën en vorsterijen zijn 5 Oct. 1675 door Judith van Berchem voor Schepenen van den Bosch overgedragen aan haren neef Gijsbert Boonaerts.
10. In eene Bossche Schepenakte van 3 507 (Reg. n° 101 f. 380) heet deze kraan een edificium, daar toch bij die akte werd verkocht het huis in de Slang e retro edificium den craen ultra pon tem piscium.
11. Dit huis had Jacob van Tulden, die lakenkooper te den Bosch en de zoon was van Gerard van Tulden, in 1610 gekocht van Roelof van Doirn Dirckszn. (Reg. n° 309 f. 197); deze had het huis verkregen bij akte in Reg. n° 264 f. 305; den 5 Januari 1614 verkocht hij het weder aan Adriaan van Druenen Jan Willemszn. Zijne vrouw was Heylwich, dochter van Dirck van Meurs; toen zij weduwe van hem was, woonde zij in 1630 te Oirschot; hun zoon was Theodoor van Tulden, de beroemde Bossche schilder. (Cf. Taxandria XVIII p. 118).
12. Deze verkoopster had deze beide huizen verkregen van Magdalena Herincx weduwe van Mathijs van Kessel.
13. N.l. het schip, dat moest aanvoeren het hout benoodigd tot het stoken der glasblazerij.
14. Het lidmatenboek der Nederduitsch-Hervormde kerk te den Bosch houdt in, dat 9 October 1687 daarvan met attestatie lidmaat werd Michiel Bonhomme, wonende in Torenstraat en dat deze 31 Mei 1692 naar Nieuwenhoorn vertrok. Of hij Henri Bonhomme in den bloede bestond blijkt evenwel niet.
15. Van Heurn Historie IV. p. 223.
16. Hij was broeder van de drie eerstgenoemde Jonkvrouwen d'Henssens.
17. Zij werd geboren te Leiden 26 Aug. 1727. † te Antwerpen 21 April 1802 en huwde met haren genoemden echtgenoot te Leiden in 1750.


De voorname Huizen en Gebouwen van 's-Hertogenbosch (1910) 120-135
 

1992

Henny Molhuysen

Verhalen en legenden : Glasblazerij
Brabants Dagblad donderdag 6 augustus 1992 (foto)
1997

Henny Molhuysen

Achter de voorgevel : De bewogen historie van het Glashuis
Brabants Dagblad donderdag 23 januari 1997 (foto)
 

1614 Kapittel 18.
Het huis van IJsselstein of het huis van Hemert, te voren het Hof van Bergen, door de Stad aangekocht.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1614-1615. Deel 2, blz 1222
1615 Kapittel 18.
Afbetaling van een Schepen schuldbrief aan de kinderen Gijsbert van Berchem, in volle betaling van het Huis van Hemert, voormalig huis van IJsselstein en het Hof van Bergen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1615-1616. Deel 2, blz 1228