|
Hoofdmenu
|
|
afb. A.F.A.M. Wetzer, 4 augustus 2007
|
|
De Blauwe Pluijm (Markt 71)
|
'De Blauwe Pluijm'
Markt 71
Dit pand stond samen met de beide buren ter rechterzijde op een 35 voet breed perceel. Mogelijk behoorde dit perceel oorspronkelijk tot het terrein van 'De Roodenburg'. Wanneer het verdeeld is, weten we niet met zekerheid, maar in 1302 is er sprake van 1/3 deel van een erf en nog een deel van een erf tussen het huis 'De Roodenburg' en het erf van Hendrik Crabbe. Bij de bouw van de 'De Roodenburg' zijn er aan de oostzijde natuurstenen spuwers (gootafvoeren) aangebracht, wat erop wijst dat het naastgelegen terrein toen onbebouwd was. In 1330 is er sprake van drie woningen naast 'De Roodenburg'. In 1376 wordt daarentegen in een schepenprotocol melding gemaakt van een 'lege plaats' en in 1418 van 'de helft van een lege plaats'. In hetzelfde jaar is er sprake van een 'huis met erf'. Blijkbaar is in dat jaar een deel van het terrein bebouwd. Mogen we dit in verband brengen met het verschil in breedte van 5 voet (= 1.44 m) in de twee cijnsboeken? Zo ja dan zal er een steeg aan de linkerzijde van het pand gelopen hebben. Dit zal dan een inpandige gang geweest zijn. Uit bouwhistorische waarnemingen is gebleken dat het onderhavige pand later tussen de beide buurpanden is gebouwd.
| 212 |
In 1476 wordt Jan van Doerne als buurman van 'De Roodenburg' vermeld. Het huis was toen reeds van steen, aangezien aan beide zijden de balken in de bestaande muren van de buren zijn opgelegd.
In het begin van de 16de eeuw is Jan Coelber (Coelborner) bezitter. In 1520 moet hij 1/3 van de hertogcijns betalen. Bij de haardentelling van 1553 blijkt het huis, dat eigendom is van Wynand de Glaesmaker, leeg te staan. Er zijn vier schouwen geregistreerd en één 'brouwgetouw'. Merkwaardig is dat bij de zetting van 1552/'53 zowel de kramer Thomas van Gerwen als de bakker Dirk Peters worden aangeslagen. De kelder is dan in gebruik omdat er voor één schouw betaald moet worden door de huurster. Hij was vanaf de straat en vanaf het achtererf bereikbaar. Naast de achteringang bevindt zich een smal keldertje dat bij het achterhuis hoorde. Voor het huis was een straatkelder aanwezig. In 1569 zijn de kelderruimten verhuurd aan Herman Geritss. De kuiper Jan Mengelen huurt in dat jaar een deel van het huis. De rest is, evenals veel buurpanden in deze roerige tijden van opstand, bezet door soldaten. Op het eind van de 16de eeuw wordt de blauwverwer Jan Henrixen vermeld als cijnsplichtige.
Op de 16de-eeuwse schilderijen staat de gevel afgebeeld als een houten topgevel met twee overkragingen. Het huis heeft een zeer hoge pui, die aansluit op de nu nog aanwezige samengestelde balklaag. Uit de hoge pui kan worden afgeleid dat er een insteekverdieping aanwezig is. Op de eerste verdieping zitten over de volle breedte van de gevel gekoppelde kruisvensters die wijzen op een woonfunctie. In het pand zijn nu op de verdieping nog consoles aanwezig met rijk besneden acanthusbladeren. De oude kap is vervangen door een lessenaarsdak dat tegen de zijmuur van 'De Roodenburg' aanloopt. In de 16de eeuw zal de zolder voor opslag gediend hebben aangezien er in de top een luik is afgebeeld.
De linker zijmuur behoort tot 'De Roodenburg'. Uit bouwhistorisch onderzoek blijkt dat deze muur een buitenmuur geweest is, zonder ramen. Ook de 14de-eeuwse rechter zijmuur behoort tot het buurpand. Onder het achterhuis bevindt zich een kleine kelder. Deze zal tot een smaller achterhuis behoord hebben.
| 213 |
| Literatuur |
| | BP R 1176 f 231v (1376); BP R 1191 f 39-40 (1418/'19); BP R 1191 f 8 (1418); CB 1520 f14v; CB 1573 f17v; HT 1553; M 198; P 1569; THG R 179 (1330); THG R 43 (1302); Z 1502/'3; Z 1511/'12; Z 1552/'53. |
A. van Drunen, 's-Hertogenbosch van straet tot stroom (Zwolle - Zeist 2006) 212-213
|
| |
Voorkelder volgestort.
Bron: Kring
~~~
Kelder eind 16e eeuw zeker aanwezig.
Bron: Verkennend onderzoek publieksfuncties kelders aan Markt en Pensmarkt
|
| |
| 2005 |
Onderdeel van het GMSP (Gemeentelijk Monumenten Selectie Project).
Bron: BAM
|
| 2009 |
Monumentnummer: SOM0217
Kadastrale aanduiding: HTG00H 05938G0000
Bron: Gemeente 's-Hertogenbosch
|
| |
|
| 25 juli 1949 |
|
|
|
|
|