|
Harbalorifa
Door Henny Molhuysen
Iedereen kent op z'n minst het eerste couplet over de Brabantse hertog Jan I: „Toen de Hertog Jan kwam varen ...” Het heeft betrekking op de in 1253 in Brussel geboren Brabantse hertog, die reeds op 15-jarige leeftijd tot die functie werd uitgeroepen. Maar hoe oud is het liedje? Wanneer werd het geschreven? Door wie?
Een kleine vijftig jaar geleden bezocht Harrie Beex de Bossche Sint-Jan en dankzij de beeldhouwer Jacques de Bresser mocht hij de steigers op. Zo kon hij de resultaten van de jongste restauraties bekijken. Dat waren in die tijd de Brabantse hertogen die na een restauratie hun plaatsen weer konden innemen. Ze keken als het ware over de Bossche daken heen naar het Brabantse land. Dat inspireerde Harrie Beex. Hij zag als het ware voor zich, dat de Brabantse hertogen na een eeuwenlange afwezigheid weer teruggekeerd waren naan 'hun' Sint-Jan. En dezelfde dag schreef hij zijn lied op.
In „Toen de Hertog ...” beschreef hij de route die de hertog aflegde (Antwerpen, Turnhout, Valkenswaard St.-Oedenrode, Oirschot), alvorens hij in 's-Hertogenbosch aankwam.
Het laatste couplet luidde dan ook:
„Hij is in Den Bosch gekommen,
an in de nacht
en niemand zag 't,
en op de Sint-Jan geklommen,
daar ging hij staan op wacht.”
In het liedje komt het merkwaardige 'harbalorifa' voor. Hertog Jan was zelf dichter en minnezanger. Hij componeerde een liedje „Eens meienmorgens vroe”, waarin hij drie jonkvrouwen liet zingen „Harba lori fa, harba harba lori fa, harba lori fa”. Deze tekst (waarvan de juiste betekenis ons niet bekend is) nam Beex in zijn lied over.
Nadat Harrie Beex de tekst geschreven had, componeerde zijn mede-priester-student Floris van der Putt de melodie. Voor het eerst werd het lied gezongen in 1947 in Heeswijk-Dinther. Een daar te houden congres moest worden opgeluisterd met 'oude' Brabantse liedjes. Beex en Van der Putt haalde tijdens de priesteropleiding vervaardigde liedjes tevoorschijn en deze werden die avond gezongen.
Sedertdien hebben velen het lied van Hertog Jan gezongen en het lijkt erop, dat het officieus het Brabantse volkslied geworden is. Velen denken ook dat het een 'eeuwenoud' lied is. Het bovenstaande geeft echter het ontstaan van het lied weer.
Hertog Jan zelf overleed in 1294 op 41-jarige leeftijd aan de verwondingen, opgelopen tijdens een riddertoernooi.
Brabants Dagblad donderdag 20 juni 1991
|