| 1497 |
Kapittel 19.
Buitengewone bewaring van stads poorten en torens.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1497-1498. Deel 1, blz 37
|
| 1501 |
Kapittel 10..16. Zijn uitgaven aan stads fabrijkage, van gebouwen, straten, vestingwerken, Diezewerken, havenwerken, poorten, bruggen, dijken, vonders, enz.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1501-1502. Deel 1, blz 60
|
| 1502 |
Kapittel 20.
Bewaking der poorten op de tijding dat de Gelderschen vergaderden.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1501-1502. Deel 1, blz 63
|
| 1502 |
Kapittel 20.
Kosten van bewaring en bewaking der stad en hare poorten benevens van de opteekening van alle in- en uitgaande personen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1502-1503. Deel 1, blz 71
|
| 1503 |
Kapittel 15 en 17.
Dit kapittel bevat zooals in vorige rekeningen, de uitgaven van timmerwerk en arbeidsloon, het is echter meer uitgebreid in werken aan poorten, bruggen en vestingtorens.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1503-1504. Deel 1, blz 77
|
| 1503 |
Kapittel 18.
Stadspoorten bewaakt en de in- en uitgaande opgetekend als voorzorgmaatregel tegenover de dreigende houding der Gelderschen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1503-1504. Deel 1, blz 77
|
| 1507 |
Kapittel 22.
Order tot het luiden der klok voor het openen en sluiten der stadspoorten.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1507-1508. Deel 1, blz 143
|
| 1512 |
Kapittel 25.
• Bewaking van stads vesting poorten.
• Schepen en andere regeringsleden, op hunne beurt met de bewaking der poorten des nachts en de visitatie der wachten des daags, gedurende den oorlog belast.
• De Hinthamer- en Ortherpoort, alsmede den Clovenierstoren, ten tijde dat de Gelderschen Hintham en Orthen verbrandde, ook des nachts door de busmeesters met geschut bewaakt.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1512-1513. Deel 1, blz 274
|
| 1514 |
Kapittel 62.
Hout voor bruggen en poorten der stad.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1514-1515. Deel 1, blz 300
|
| 1520 |
Kapittel 70.
Wakers aen den boom en aan de poorten, om op te nemen welke personen aldaar, zoo te voet als te paard, inkwamen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1520-1521. Deel 1, blz 359
|
| 1523 |
Kapittel 89.
Klokken in de vestingpoorten en torens, om die bij overval des vijands in den nacht, te luiden.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1523-1524. Deel 1, blz 403
|
| 1531 |
Kapittel 103.
Wakers aan stads poorten tijdens de onrustige beweging der Gelderschen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1531-1532. Deel 1, blz 485-486
|
| 1534 |
Kapittel 28.
Visitatie van stads vestingmuren, poorten en torens.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1534-1535. Deel 1, blz 515
|
| 1535 |
Kapittel 113.
Dagwakers aan de Poorten tot wering die Luteranen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1535-1536. Deel 1, blz 523
|
| 1535 |
Kapittel 114.
Stads werklieden naar Grave gezonden, om aldaar de val of schot poorten op te nemen ten einde die alzoo in de poorten te 's Hertogenbosch te maken.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1535-1536. Deel 1, blz 524
|
| 1536 |
Kapittel 24.
Dagwakers aan de poorten der stad 's Hertogenbosch, om te waken tegen het indringen van verdachte personen tijdens de Gelderschen krijgsvolk vereenigde zonder dat men wist wat zij daarmede voor hadden.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1536-1537. Deel 1, blz 525
|
| 1541 |
Kapittel 28.
• Dagwakers aan de poorten der stad.
• Bewaking der poorten tijdens den inval van Marten van Rossem door schutters uit de vier schutterijen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1541-1542. Deel 1, blz 586
|
| 1544 |
Kapittel 30.
Wachters aan de poorten tegen de secten der luteranen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1544-1545. Deel 1, blz 628
|
| 1548 |
Kapittel 9.
De woningen boven stads vestingpoorten verhuurd, vestingwallen en bolwerken verpacht.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1548-1549. Deel 1, blz 657
|
| 1551 |
Kapittel 17.
Hoogen waterstand. Waterkeering aan de poorten der stad.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1551-1552. Deel 1, blz 673
|
| 1552 |
Kapittel 18.
Wachters aan de poorten, om te beletten dat iemand van het Hoogduitsche krijgsvolk den weg door de stad nam.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1552-1553. Deel 1, blz 681
|
| 1566 |
Kapittel 12.
Herstel van poorten, vestingwerken en bruggen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1566-1567. Deel 1, blz 758
|
| 1566 |
Kapittel 24.
• Zware ijzeren krammen met haken en verder sluitwerk aan de offerkist uit het lieve vrouwe koor gehaald, en tot berging der sleutels van stads vestingpoorten op het stadhuis gebragt.
• Sloten, sleutels en ijzeren bomen tot sluiting der vuchter- en hinthamerpoorten.
• Sluitwerk aan de onderscheidene andere poorten.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1566-1567. Deel 1, blz 770
|
| 1566 |
Kapittel 27.
• Brand in de wachten, aan de poorten en binnen de stad in de straten.
• Verschillende wachten aan de poorten in de straten der stad en aan de kloosters betrokken, met aanwijzing van den • tijd, waarop die plaats hadden.
• De wachten aan de poorten en aan den Boom tegen 6 st. en de wachten binnen de stad tegen 4 st. voor brand betaalt.
• De wachten worden van lieverlede ingetrokken, de laatsten duurden tot den 11 Maart 1567.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1566-1567. Deel 1, blz 773..775
|
| 1566 |
Kapittel 29.
De sloten en sleutels der poorten en vestingtoorens van de stad, op last van den Graaf van Schouwenburg veranderd.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1566-1567. Deel 1, blz 784
|
| 1566 |
Kapittel 30.
• Antonie van Bombergen Kapitein van Sectarissen, neemt den 9 Maart 1567, met geweld de sleutels der stads poorten en vestingtorens in bezit en behoudt die tot 12 Maart, als wanneer zij bij overeenkomst met stadsregering in een ijzeren kist worden gesloten waarvan Bombergen de eenen en de vier schutterijen de andere sleutel zouden hebben. Die kist wordt uit het Lieve Vrouwe koor gehaald, vermaakt en op het stadhuis gebragt.
• Herman de Ruijter, doet op last van Bombergen een slot hangen op de kist waar de sleutels der Stads poorten in zijn.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1566-1567. Deel 1, blz 784
|
| 1573 |
Kapittel 13.
Herstellingen aan verschillende vestingtorens der Stad, aan de poorten, bruggen, wachten en andere vestingwerken.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1573-1574. Deel 2, blz 891
|
| 1575 |
Kapittel 23.
De burgers betrekken de wachten aan de poorten.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1575-1576. Deel 2, blz 917
|
| 1576 |
Kapittel 9.
De Regering van 's Hertogenbosch doet hout koopen voor brand en herstel van poorten en bruggen, ten tijde van de spanjaarden afgeworpen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1576-1577. Deel 2, blz 932
|
| 1577 |
Kapittel 20.
In plaats van de klerken der Stad, ledige mannen uit de Schutterijen belast met het waken aan de poorten, om alle de in en uitgaande personen naauwkeurig op te teekenen en daarvan boek te houden.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1577-1578. Deel 2, blz 963
|
| 1578 |
Kapittel 14.
Herstellingen aan de vestingwerken, poorten, schothekels, vestingtorens, casematten, bruggen, enz.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1578-1579. Deel 2, blz 979
|
| 1578 |
Kapittel 16.
• Kastjes of doozen met ijzer beslagen, aan de poorten te hangen om des nachts brieven te verzenden en te ontvangen.
• Kastje in de raadkamer met zes sloten, tot berging der sleutels van Stads poorten.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1578-1579. Deel 2, blz 980
|
| 1580 |
Kapittel 16.
Pioniers aan het groot en klein bolwerk, om de poorten met aarde toe te bolwerken en tot versterking der borstwering achter den jongen schuts bogaard.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1580-1581. Deel 2, blz 1012
|
| 1583 |
Kapittel 16.
Schrijvers aan de poorten, om alle inkomende en uitgaande personen op te teekenen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1583-1584. Deel 2, blz 1045
|
| 1584 |
Kapittel 12.
Sluiting der schotbalken in de poorten.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1584-1585. Deel 2, blz 1049
|
| 1588 |
Kapittel 3.
Bewaarders en bijzitters aan de schotbalken in de poorten.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1588-1589. Deel 2, blz 1073
|
| 1592 |
Kapittel 15.
Onderscheidene compagnien van het leger voor de poorten liggende, met bier bier beschonken.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1592-1593. Deel 2, blz 1098
|
| 1593 |
Kapittel 15.
Bevel om binnen vier dagen alle boomen, heggen en plantsoen buiten de poorten af te houwen.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1593-1594. Deel 2, blz 1102
|
| 1605 |
Kapittel 17.
Acht en twintig huizen en erven aan de verschillende poorten, door de Stad tot uitbreiding der vestingwerken, aangekocht.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1605-1606. Deel 2, blz 1167
|
| 1615 |
Kapittel 18.
Toezigt aan de poorten om te beletten dat personen uit Vegchel of omliggende plaatsen, met pest besmet, worden toegelaten.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1615-1616. Deel 2, blz 1228
|
| 1629 |
Kapittel 21.
Betaling voor het sluiten en openen van Stads vestingspoorten.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1629-1630. Deel 2, blz 1358
|
| |