Hoofdmenu

Artikelen    
Sasse van Ysselt    
Stadsrekeningen    
afb. 1832

Capucijner (Postelstraat)

Bebouwing, die mogelijk tot het Capucijner klooster behoort.
Bron: Van Bos tot Stad

Het voormalig Capucijnenklooster
267
268
269
270
271
272
273
274
275

Noten
1. Dit straatje werd in eene Bossche Schepenakte van 1577 (Reg. n° 237 f. 464) geheeten: dat straetken neven den Postel.
2. Van zijne vrouw Petronella van Broeckhoven, die eene dochter zal geweest zijn van Rogier en Elisabeth van Jabeek, had hij geene kinderen. Zij stierf in of omstreeks het jaar 1672.
3. Reg. n° 374 f. 346.
4. Reg. n° 538 f. 142.
5. Hij was zoon van Abraham Verster en Henrietta Margaretha van Woerkom en huwde als gezegd met Catharina Gast.
6. Hij was aldaar geneesheer, schepen en raad; den 14 Augustus 1747 werd hij er geboren en hij overleed er 24 April 1802; hij huwde met 1° Antonia Emilia van Heurn; 2° Sabina Wilhelmina Mollerus; zijne eerste vrouw schonk hem Jan François Leopold Verster, die inspecteur der registratie en lid van den Gemeenteraad te den Bosch was en zijne tweede vrouw baarde hem een zoon Abraham Hendrik Verster, heer van Wulverhorst en opperhoutvester.


De voorname Huizen en Gebouwen van 's-Hertogenbosch I (1910) 267-275
 

1873

L.H.C. Schutjes

Capucijnen
Geschiedenis van het bisdom 's-Hertogenbosch IV (1873) 400-401
1983

Hans L. Janssen en Paul A.M. Zoetbrood

De Uithof en het Refugiehuis van de Abdij van Postel
Van Bos tot Stad (1983) 74
1988

D.J. de Vries

De dendrochronologische datering van paalresten afkomstig van de Uithof van de abdij van Postel te 's-Hertogenbosch
Kroniek Bouwhistorisch en Archeologisch onderzoek 's-Hertogenbosch 1 (1988) 102-107
1988

P.R. Tomlinson

Het botanisch onderzoek van plantresten uit een 13e eeuwse greppel rond de Uithof van de priorij van Postel te 's-Hertogenbosch
Kroniek Bouwhistorisch en Archeologisch onderzoek 's-Hertogenbosch 1 (1988) 108-112
 

1615 Kapittel 18.
Betaling van den laatsten termijn, ten behoeve der Paters Capucijnen tot aankoop en bouwing van hun convent, in het huis van Postel.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1615-1616. Deel 2, blz 1226
1616 Kapittel 20.
Toelaag aan de Paters Kapucijnen tot opbouwing der kerk.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1616-1617. Deel 2, blz 1237
1618 Kapittel 22.
• Commissie tot bijlegging, van het geschil tusschen het convent van de Capucijnen en het vrouwenklooster op den Uilenborg.
• De Stad betaalt de Eerw. heeren Capucijnen 1000 gul. voor den scheidingsmuur tusschen hun Convent en het klooster op den Uilenborg.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1618-1619. Deel 2, blz 1254-1255
1625 Kapittel 23.
• Het convent der paters capucijnen door de pest besmet, worden de paters daarin besloten en hen eetwaren en andere benoodigdheden van Stadswege geleverd.
• Behoudmiddelen tegen de pest aan de capusijnen en schepenen geleverd.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1625-1626. Deel 2, blz 1326-1327, 1329