Hoofdmenu

Artikelen    
Benaming    
Geschiedenis    
Links    
Rijksmonument    
Stadsrekeningen    
Verdwenen stadsbeelden    
Verhalen en legenden    
afb.

Sint Jacobskerk (1430-1629) (Bethaniëstraat 23)

Driebeukige kruisbasiliek waarvan de kruisarmen nooit voltooid zijn, met een later smaller eenbeukig, vijfzijdig gesloten koor, later aangebrachte ronde traptoren en een in 1732 (en deels in 1752) gesloopte vieringstoren. Alleen zijbeuken en koor voorzien van steunberen.
Opmeting uit 1899 in: ARA, Archief Departement van Oorlog, Gebouwen 295-2, Register betreffende C. de Militaire Gebouwen enz. te 's-Hertogenbosch blz. 98-100; Archief van Genie Plans van Gebouwen nr. 413 (1752).
Bron: Van Bos tot Stad

zie: kerken, kloosters en refugiehuizen
~~~
De kapel van St. Jacob ontstaat ongeveer in 1430. Ze was bedoeld voor de bedevaartgangers naar Compostella
Bron: Bastion Oranje
~~~
Na 1629 kregen de katholieke kerken een andere bestemming. De zestiende-eeuwse Sint-Jacobskerk was tot 1650 nog bij de hervormden in gebruik. Daarna werd het gebouw achtereenvolgens gebruikt als paardenstal voor de cavallerie (1689), als wapenarsenaal (1752) en in de negentiende eeuw als kazerne. In 1924 werd de voormalige kerk verbouwd tot museum. (Noordbrabants Museum)
Bron: Ach Lieve Tijd : 800 jaar Den Bosch en de Bosschenaren 3 (1982) 73
~~~
Deze kerk is evenals vele andere kerken in de stad na 1629 in beslag genomen en als kazerne gebruikt. In 1744 is de kerk verbouwd en kwam er een barak bij. Zo ontstond een kazerne met 60 kamers met elk 6 tweepersoons bedsteden. Tot 1924 is dit kazernecomplex in militair gebruik gebleven.Tegelijkertijd bouwde men nog drie kazernes, allen in dezelfde stijl. De Mortel-, Tolbrug- en Berewoutkazerne. De Tolbrugkazerne is verdwenen, maar bij de twee overgebleven kazernes kunnen we nog zien dat de ramen dezelfde vorm hebben.
Bron: Vestingwandelingen
~~~
Recentelijk zijn in de kerk muurschilderingen ontdekt die uit de 16de eeuw dateren.
Bron: Kloosters, Kronieken en Koormuziek

Bethaniestraat 2a
Voormalige St. Jacobskerk, thans zetel en museum van het Provinciaal Genootschap van Kunsten en Wetenschappen in Noord-Brabant.
Ontstaan uit een in 1430 gestichte kapel, in 1569 tot parochiekerk verheven en in 1584 verbouwd tot het tegenwoordige koor, waartegen het dwarspand (welks armen nooit uitgevoerd) en het driebeukig basilicaal schip aangebouwd.
1629-1650 Hervormd; 1689 cavaleriestal; 1752 arsenaal. Vele vensters gedicht, nieuwe ingebroken; kruistoren, sacristie en kosterij gesloopt.
Scheibogen tussen de zware ronde pijlers verlaagd; kerkruimte in drie verdiepingen en zolder verdeeld door inbrengen van vloeren. In de 19e eeuw kazerne. 1924-1925 herstellingen door Oscar Leeuw: moderne voorgevel; nieuwe verdiepingen in zijbeuken; zolder in schip gehandhaafd.

(adres: Bethaniestraat 2a, 4; datum: 12 januari 1989; kadastraalnr: H 5688; monumentnr: 21585)


Rijksdienst voor de Monumentenzorg 2004
 

Twintigste-eeuwse woningen rond een middeleeuwse kerk
Door Henny Molhuysen

In 1569 werd de St.-Jacobskapel in de Bethaniëstraat het middelpunt van de nieuwe Sint-Jacobsparochie. Het gevolg was ondermeer dat de kerk sterk uitgebreid werd. Ze stond centraal in het buurtje rond deze kerk. Zo trof men er ondermeer de Baselaars- en Bethaniëkloosters aan en het Van Deventhergasthuis.
Na 1629 veranderde er veel. De kerk werd onttrokken aan de eredienst, werd verbouwd en kreeg een militaire functie. In 1636-1637 werd het kerkhof ontruimd en kreeg men een groot plein. Daar werden voortaan ondermeer veemarkten gehouden. Tussen de bebouwing van de St. Jacobskerkhof en de stadswallen bevonden zich grote warmoezerijen, groentetuinen.
Ten behoeve van de vele militairen die in de vestingstad verbleven, werden er in het midden van de achttiende eeuw een aantal kazernes gebouwd, waaronder de Jacobskazerne, gelegen naast de voormalige kerk van die naam. Hierin lagen honderden militairen ingekwartierd, en in het midden van de 19e eeuw vond men deze huisvesting nog goed, 'hoezeer de kamers klein en de omringende ruimte van eenige lokalen zeer bekropen is'.
In het begin van de twintigste eeuw vertrokken de militairen uit beide gebouwen. Het oude kerkgebouw werd bestemd tot huisvesting van het Centraal Museum, de voorganger van het Noordbrabants Museum. Het kerkgebouw werd aangepast en ook de gemeentelijke kunsthistorische collectie kreeg een onderdak in deze nieuwe huisvesting. Dat was in 1925. Iedere middag tussen 2 en 4 uur kon men tegen betaling van tien cent de collecties bekijken. Tegelijkertijd is het voormalige Sint-Jacobskerkhof geheel verkaveld. De middeleeuwse bebouwing verdween en de laatste restanten van het grote Baselaarsklooster werden gesloopt.
Een nieuw stratenpatroon ontstond en hieraan kwamen riante woningen. De Bethaniëstraat kreeg in 1931 haar naam, naar het klooster. Voor bejaarden werd in hetzelfde jaar het Sint-Jacobshofje gebouwd. Ook de kazerne zou na twee eeuwen verdwijnen: ze maakte plaats voor een uitbreiding van het middeleeuwse Reinier van Arkel, thans het oudste psychiatrisch ziekenhuis van Nederland.
Zo'n zestig jaar is het Noordbrabants Museum in de Bethaniëstraat gehuisvest geweest, daarna kreeg ze onderdak in het Gouvernement in de Verwersstraat. Daarmee verdween een instituut dat veel bezoekers aantrok uit deze straat. De tentoonstelling die de grootste belangstelling trok was de expositie die gewijd was aan Jeroen Bosch in 1967. De in 1971 gehouden expositie 'Beelden uit Brabant' toonde een verrassend overzicht van laatgotische beelden uit het oude hertogdom.
In het leegstaande gebouw werd de gemeentelijke Archeologische en Bouwhistorische Dienst gevestigd. Daar worden de vele bodemvondsten van de laatste jaren bewaard, gerestaureerd en beschreven. Incidenteel vinden er tentoonstellingen plaats. Maar in de loop der jaren is hier toch een grote museale collectie bijeengebracht, die het waard is aan bezoekers (Bosschenaren en andere belangstellenden) getoond te worden.
Verder is het straatbeeld de laatste zestig jaar niet zoveel veranderd. Reinier van Arkel is bezig met nieuwbouw (maar deze instelling bouwt en verbouwt regelmatig), maar auto's bepalen wel steeds meer het straatbeeld.


Brabants Dagblad donderdag 4 september 1997
 

Naar Santiago...
Door Henny Molhuysen

We zitten nog steeds in de vakantietijd. Laten we daarom ook deze week nog eens kijken naar de pelgrims, de reizigers van de middeleeuwen. Velen van hen gingen naar Spanje maar niet naar de oostkust die bij de huidige toeristen in trek is. De pelgrims gingen naar Santiago de Compostella in het noordwesten van Spanje, een van de drie grote bedevaartsplaatsen, naast Jeruzalem en Rome. In Santiago ligt volgens de middeleeuwse traditie de apostel Jacobus de Meerdere begraven.
Deze traditie zou uit 813 stammen. In dat jaar had Pelagus, een vroom man, een visioen over de aanwezigheid van de apostel. Bisschop Theodemir vond vervolgens een marmeren graftombe. Paus Leo III deed de rest: hij verkondigde in een bul, dat het graf van een van de apostelen was teruggevonden. De pelgrimage naar Compostella kon beginnen.
Het reizen was in de middeleeuwen geen pretje. Gebaande wegen en bruggen waren er nauwelijks en allerlei gevaren bedreigden de pelgrims. Langs de route ontstonden gasthuizen die de arme bedevaartganger onderdak verleenden. Zo ook in 's-Hertogenbosch.
In 1430 vroeg de broederschap van de Heilige Jacobus aan paus Martinus V toestemming voor het stichten van een kapel en een gasthuis. Dit gasthuis was voor vreemdelingen die òf terugkwamen van een bedevaart òf op weg waren naar het verre Spanje. Ook zouden er Bosschenaren terecht kunnen die na volbrenging van hun pelgrimage dringend hulp nodig hadden. Konden de vreemde pelgrims er slechts kort verblijven, voor de teruggekeerde Bosschenaren was er dus langer verblijf mogelijk. De kapel van Sint Jacob is in 1584 verheven tot parochiekerk. Enkele jaren later werd zij vergroot, verdween waarschijnlijk het hospitaal en kwam het schip van de kerk hiervoor in de plaats.
Wie waren die mensen die zo'n gevaarlijke tocht ondernamen? In de eerste plaats natuurlijk de vromen die uit zuiver religieuze motieven de tocht ondernamen. Bij velen speelden echter andere motieven een rol. Lust tot avontuur of moeilijkheden thuis die een vlucht wenselijk of noodzakelijk maakten. Dan was er nog een groep die gedwongen naar Santiago moest na het bedrijven van een misdaad. Ze moesten later bewijzen dat ze de tocht inderdaad gemaakt hadden. Een van die bewijzen was de Jacobsschelp waar in Santiago een levendige handel in was.
Bosschenaren waren ook gek op een gokje. Weddenschappen werden afgesloten op het volbrengen van de bedevaarten naar vooral de 'grote drie plaatsen'. Soms waren zelfs eisen in een contract opgenomen: binnen een bepaalde tijd terug te zijn of de manier van reizen. Zo legden op 6 februari 1454 de Bossche schepenen een overeenkomst vast dat Peter van den Yevelair verklaarde naar Santiago te reizen. Hij mocht alleen over land reizen. Alleen voor het oversteken van een rivier mocht hij een boot gebruiken; dat kon ook moeilijk anders omdat bruggen meestal ontbraken. Zo'n weddenschap maakt nog eens duidelijk hoe gevaarlijk zo'n middeleeuwse reis was. Velen vonden onderweg hun graf. Hoe het met de Bosschenaar Peter van den Yevelair is afgelopen weten we niet.


Brabants Dagblad donderdag 4 augustus 1988
 

?

Redactie

Sint Jacobskerk te 's-Hertogenbosch. 'n Klein stukje geschiedenis van de Sint Jacobskerk
(s.l. z.j.)
?

Jo Wouters

Van bedevaartskapel tot een museum. Achitect Gerard Wijnen werkt aan restauratie. Noordbrabants Museum in erbarmelijke staat. Kunstschatten in bouwval
Krantenknipsel ?
1776

Van Heurn

Historie der stad en meyerye van 's-Hertogenbosch
(Utrecht 1776-1778) III 311; IV 149-150
1819

A. van Gils

Katholyk Meyerysch Memorieboek
('s-Hertogenbosch 1819) 200
1840

J.A. Coppens

Nieuwe beschrijving van het Bisdom van 's-Hertogenbosch II
('s-Hertogenbosch 1840-1844) 165-174
1870

L.H.C. Schutjens

Geschiedenis van het Bisdom 's-Hertogenbosch IV
(Sint Michielsgestel 1870-1876) 321-324
1910

Sasse van Ysselt

De Windmolenbergstraat
De voorname huizen en gebouwen van 's-Hertogenbosch III ('s-Hertogenbosch 1910-1914) 19-22
1929

J. Mosmans

De stichtingsbrief der St. Jacobskapel te 's-Hertogenbosch
Bossche Bijdragen 10 (1929/1930)
1969

J. van der Vaart

De kerken St. Jacob, St. Pieter en St. Catrien te 's-Hertogenbosch
Boschboom Bladeren 4 (1969) 66-68
1977

J. van der Vaart

Het Bossche Kruisbroedersklooster
Boschboom Bladeren 21 (1977) 8
1977

L. v.d. Meerendonk

Sint-Jacob, kerk en parochie
Boschboom Bladeren 21 (1977) 8-18
1988

Henny Molhuysen

Verhalen en legenden : Naar Santiago...
Brabants Dagblad donderdag 4 augustus 1988 (foto)
1989

H.W. Boekwijt

Bouwhistorisch onderzoek en publiciteit
Heemschut 11/12 (1989)
1990

Redactie

De oude Sint-Jacobskerk
KringNieuws 97 (1990) 51
1993

Frans L. Jansen

Diefstal in de Sint-Jacobskerk
KringNieuws 5 (1993) 8
1993

Frans L. Jansen

Sint-Jacobskerk tussen oud en nieuw
KringNieuws 6 (1993) 7
1993

Redactie

Plan Bethaniëkerk. Presentatie
(s.l. 1993)
1997

Henny Molhuysen

Verdwenen stadsbeelden : Twintigste-eeuwse woningen rond een middeleeuwse kerk
Brabants dagblad donderdag 4 september 1997 (foto)
1997

Walter Hoevenaars

Gedenksteen St.Jacobkazerne
De inkijk 4 (1997) 6-7
2002

Ad van Drunen

Sint-Jacobskerk
Kloosters en religieus leven ('s-Hertogenbosch 2002) 59
2005

Johan van den Eijnde

Nieuws van de BAM : Oude Sint-Jacob
Bossche Bladen 4 (2005) 143-144  [pdf]
2006

Dick van de Vrie

Nieuws van de BAM : Restauratie en verbouwing van de Oude Jacobskerk
Bossche Bladen 4 (2006) 163-164  [pdf]
2007

Gerard ter Steege

Open huis oude Sint-Jacobskerk
KringNieuws 2 (2007) 4-5
2007

Ben Kooij

Bossche historie tentoongesteld. Oude Sint-Jacobskerk gerestaureerd
Nieuwsbrief rijksdienst voor archeologie, cultuurlandschap en monumenten 3 (2007) 20
2009

Geert Oldenmenger

De Bossche Sint-Jacobskerk
BAAC 10 jaar door het stof (2009) 49-56
2010

Wim Hagemans

Ton waterschade in oude Jacobskerk
Brabants Dagblad vrijdag 15 januari 2010
 

1608 St. JacopsStads Rekeningen van het jaar 1608-1609. Deel 2, blz 1183
1879 Groot TuighuisStadsarchief
 

1430 Voor haar geboorte moeten we naar het jaar 1430. Toen werd in het oosten van Den Bosch een St.-Jacobskapel gebouwd. Met daarbij een hospitium voor pelgrims die naar Santiago de Compostela gingen. In deze Spaanse stad is volgens de overlevering Sint Jacob begraven.
Folder: St.-Jacob. Den Bosch. Een rondgang door de kerk
1569 De kapel werd in 1569 parochiekerk.
Bron: Straat in Straat uit
1584 In 1584 verbouwd tot het tegenwoordige koor, waartegen het dwarspand (welks armen nooit uitgevoerd) en het driebeukig basilicaal schip aangebouwd.
Bron: Bossche Monumenten in Beeld
1629 Na de Reformatie kwam het gebouw in 1629 ter beschikking van de hervormden. Een paar jaar later werd de toren deels gesloopt en in 1689 werd de kerk zelfs een paardenstal... Maar het kon nog erger, waant een eeuw later ging men het pand gebruiken als 'tuighuis', een soort wapenopslagplaats.
Folder: St.-Jacob. Den Bosch. Een rondgang door de kerk
1632 Een gedeelte van de St. Jacobskerk wordt gesloopt.
Bron: Kroniek van 's-Hertogenbosch
1689 De voormalige Sint Jacobskerk wordt ingericht als stal.
Bron: Kroniek van 's-Hertogenbosch
1752 Van de voormalige Sint Jacobskerk wordt de toren gesloopt, evenals de kosterswoning en de pastorie.
Bron: Kroniek van 's-Hertogenbosch
~~~
Sterk verbouwd in 1752-1759, toen er houten balklagen en een nieuwe kap zijn aangebracht.
Bron: Kloosters, Kronieken en Koormuziek
 

1529 Kapittel 96.
Oprigting der parochie St. Jacob te 's Hertogenbosch.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1529-1530. Deel 1, blz 466
1603 Kapittel 16.
De St. Jacobskerk gebruikt tot huisvesting van het krijgsvolk, schoongemaakt.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1603-1604. Deel 2, blz 1158
1625 Kapittel 6.
Toelaag aan St. Jacobs kerk.
Bron: Stads Rekeningen van het jaar 1625-1626. Deel 2, blz 1325
 

Bouwhistorisch onderzoek BAM