Hoofdmenu

Artikelen    
Beeldhouwkunst    
Oe gotte kèk daor    
afb. A.F.A.M. Wetzer, 22 mei 2004

Roodenburg (1910) (Markt 73)

Gevelsteen Roodenburg
33


M.B. Grotens-Kos, Beeldhouwkunst in de open lucht in 's-Hertogenbosch (1988) 33
 

Roodenburgh
Door Henny Molhuysen

In het pand Markt 73a zit een gevelsteen, voorstellende de oude Roodenburgh. Het is een forse steen van 1.10 bij 1.40 meter, vervaardigd uit Franse kalksteen, naar een ontwerp van architect Suyling. „Vernieuwd anno 1910”, staat er rechts te lezen. Inderdaad, 'vernieuwd', want de huidige Roodenburgh heeft niets meer te maken met het vroegere gelijknamige pand dat op deze plek stond.
De oorspronkelijke Roodenburgh werd gebouwd toen de stad Bosch nog maar juist gesticht was. Hendrick Beckerlijn was volgens de kroniekschrijvers één van de eerste bewoners. In het begin was er vriendschap tussen Beckerlijn en Jacob Coppetijn, de bewoner van de vlakbij gelegen Moriaan. Maar, zo verhaalt ons de kroniekschrijver Cuperinus: „namaels is tussen deze twee jonkers gevallen, door duvels ingegeven, alsoo groote viantscap, dat die gantse stat om haer viantscap viel in groote partyscap ende tweedracht”. Hertog Hendrik en de pastoor van Orthen bemiddelden bij deze ruzie. Om de verzoening tussen deze jonkers te herdenken zouden er ieder jaar grote hanengevechten plaatshebben. Dat gebeurde op de vastenavond. De hanengevechten werden tot in de tweede helft van de zestiende eeuw gehouden.
Het grote pand heeft in de loop der eeuwen vele bewoners en functies gehad. In de vijftiende eeuw was er een brouwerij gevestigd. Voor de opslag van de grondstoffen voor deze brouwerij waren stevige vloerconstructies nodig. Ook als gevangenis werd De Roodenburgh gebruikt. Maar langzamerhand ging de aanzienlijke staat waarin het verkeerde verloren. In de negentiende en twintigste eeuw was het een woonkazerne.
In het begin van de twintigste eeuw kocht de gemeente Den Bosch het pand. Twee jaar later verkocht zij het weer met de plicht aan de nieuwe eigenaar om het af te breken! Zo verdween in 1910 een eeuwenoud pand uit de Bossche binnenstad, dat te vergelijken was met de Moriaan. We kennen het nu alleen nog uit afbeeldingen van vroeger, zoals ook op de gevelsteen te zien is.
In het Noordbrabants Museum staat de Roodenburgh nog in volle glorie afgebeeld op het uit het begin van de vijftiende eeuw daterende schilderij De Lakenmarkt. Op de zolders van het museum liggen nog bouwfragmenten die gered zijn bij de sloop in 1910. Eén van de zich daar bevindende planken vertoont de ingekraste namen van gevangenen van vele nationaliteiten, die er in de zeventiende eeuw gevangen hebben gezeten.


Brabants Dagblad donderdag 6 september 1984
 

1984

Henny Molhuysen

Oe gotte kèk daor : Roodenburgh
Brabants Dagblad donderdag 6 september 1984 (foto)